Etappe 32

Woensdag, 3 augustus 2016

Van San Lorenzo (1045 m) naar Noasca 1058 m)


Door de groene hel!

Na de lange etappe van gisteren leek het op papier vandaag een gemakkelijke dag te worden. In de Rother gids stond letterlijk: Viele Jahre war die GTA hier unterbrochen. Endlich sind die zugewachsenen Partien wieder freigeschlagen. Als zuivere looptijd is 5.30 uur aangegeven. Met wat rustpauzes zou ik gemakkelijk binnen 7 uur in Noasca achter een koel glas bier kunnen zitten was mijn berekening. Het liep echter heel anders dan gedacht. Reeds gisterenavond had Signora Simone Reau, van Trattoria San Lorenzo, mij gewaarschuwd. Nog geen twee weken geleden was achter de kapel Sant Anna een vrouw dodelijk verongelukt. Als ik na de kapel zelf van mening was dat ik het te moeilijk vond dan moest ik volgens Signora Reau omkeren en bij de kapel afdalen en dan door het dal mijn weg vervolgen naar Noasca. Op mijn vraag wat dan precies de moeilijkheid was kon ze mij geen duidelijk antwoord geven. Het had iet te maken met het dichtgroeien van het pad, maar ze had het ook maar weer van horen zeggen. Zelf was ze er al in geen 20 jaar meer geweest. Het ging volgens haar maar om een klein stukje. Ik neem de waarschuwing serieus maar denk ook, als het maar een klein stukje is dan zal het zo' n vaart niet lopen. Ik ben in de veronderstelling tijd genoeg te hebben en ontbijt om 7:00 samen met Siona en Osman die vandaag de GTA verlaten en het Gran Paradiso in trekken om daar nog een paar tochten te maken voordat ze weer terug gaan naar hun woonplaats Turijn. Om even na 7:30 uur neem ik afscheid van de zeer sympathieke en behulpzame Sonia en Osman en vertrek richting Noasca. Tot aan de bedevaartkapel Sant Anna gaat het probleemloos. Bij de kapel eet ik een boterham en omdat de kapel zo'n mooie naam heeft wil ik een kaarsje opsteken voor mijn eigen lieve Anna. Maar helaas de deur is gesloten. Dan schrijf ik maar iets voor Anna in de oude agenda die in een nis naast de deur ligt en als gastenboek dienst doet. Daarna eet ik nog een appel en loop verder. Na een paar honderd meter wordt de begroeiing naast en op het pad steeds dichter maar niet echt problematisch. Ongeveer 1 KM voorbij de kapel moet ik volgens mijn kaart naar links en beginnen aan de afdaling maar ik zie nergens een afslag. In plaats daarvan zie ik dat zeer recent een doorgang is vrij gekapt door het struikgewas. De afgekapte takken liggen nog kris kras over het pad. Er zijn ook zeer recent met rode verf pijlen aangebracht. Ik volg het vrij gekapte pad en de pijlen. Zo hier en daar gaat het extreem steil omhoog en moet ik mijn handen gebruiken. Ik ben in de veronderstelling dat dit het moeilijke stukje is waarover Signora Simone Reau sprak. Maar zo'n klein stukje is het niet want ik volg nu al meer dan een halfuur het vrijgeslagen pad door de zeer dichte begroeiing op de flank van een extreem steile helling. Ik moet alle zeilen bijzetten om overeind te blijven en plotseling sta ik voor een diepe afgrond. Hier gaat het enkele honderden meters loodrecht naar beneden en hoe ik ook kijk ik zie nergens meer rode pijlen en zie voor mij geen mogelijkheid om hier af te dalen. Hier alleen verder gaan staat gelijk aan zelfmoord, dus is er maar een goede beslissing. Het hele klote stuk weer terug en bij de kapel afdalen. Op de eveneens slopende terugweg begint het langzaam tot mij door te dringen dat ze vrijwel zeker deze doorgang speciaal hebben gekapt, om de verongelukte vrouw te bergen, waarover Signora Simone Reau sprak. Als ik aankom in de buurt waar volgens mijn kaart een afdaling naar beneden moet zijn, begin ik weer te zoeken en vind ik verscholen achter dicht struikgewas een grote steen waar nog heel vaag iets op staat. Ik moet naar Noasca en met wat fantasie kan ik Noasca op de verweerde steen herkennen. Er is ook nog zoiets als een paadje te herkennen en ik besluit om niet helemaal terug te lopen naar de kapel maar om hier af te dalen. Daar zal ik nog veel spijt van krijgen. Het gaat door een kloof langs een rivier en diverse watervallen zeer steil naar beneden en hoe lager ik kom hoe dichter de begroeiing wordt. Het pad is totaal overwoekerd door o.a. brandnetels en bramenstruiken waarvan de meters lange takken met vlijmscherpe doornen blijven haken aan mijn kleren, rugzak, haren, maar ook aan mijn blote armen. Op sommige plaatsen is er bijna geen doorkomen aan en doe ik over 50 meter wel een half uur. Het was maar een klein stukje volgens Signora Simone Reau maar ondertussen ben ik mij al meer dan 4 uur door deze wildernis aan het vechten en is het bijna 17:30 uur als ik behoorlijk uitgeput beneden in het dal aankom. Dan is het nog ruim een uur door het dal klimmen naar Noasca waar ik om 18:45 aankom. In plaats van de geplande 7 uur zit ik pas na ruim 11 uur, totaal gesloopt, in Noasca achter een koel glas bier.















Geen opmerkingen:

Een reactie posten